BLOG

Hans Foks rijdt al vijftig jaar Suzuki: ‘Het Suzuki virus heeft me goed te pakken!’

‘Je blijft toch dat jongetje, al is het een jongetje met inmiddels vijftig jaar ervaring’

60 jaar Suzuki in Nederland - Suzuki Stories: Hans Foks

Suzuki bestaat 60 jaar in Nederland. Dat is 60 jaar aan bijzondere verhalen. Zoals dat van Hans Foks. Die 50 jaar geleden op zijn GT 750 de gladde Leidse kinderkopjes trotseerde en nu, 15 Suzuki motoren later, nog steeds niet te stoppen is. Lees zijn Suzuki Story.

Keyvisual Suzuki Stories
Suzuki Stories: Hans Foks

Hans Foks stuurde ons een compleet digitaal ‘museum’ van Suzuki motoren. Hij heeft ze allemaal zelf gereden. Hans, het Suzuki virus heeft je goed te pakken, niet?

“Dat klopt! Ik rijd sinds 1977 Suzuki, dus het gaat richting de vijftig jaar. Ik heb in totaal zo’n tien tot vijftien Suzuki’s ‘versleten’ en in al die jaren nooit een ander merk gereden. Het begon allemaal toen ik nog jong was. Mijn ouders waren middenstanders en hadden het druk met de zaak. Af en toe kwam er bij ons een oppas. Haar vriend had een Suzuki GT 750 - zo’n Waterbuffel - en daar mocht ik weleens achterop. Ik was meteen verslingerd. Die GT 750 was voor mij de aanleiding om motor te gaan rijden. Op mijn zeventiende kocht ik precies zo’n GT 750, maar omdat ik nog geen rijbewijs had, zette mijn vader hem achter slot en grendel in de schuur. Maar ja, je weet hoe dat gaat met jongens van zeventien: ik brak die schuur open en ging er toch stiekem mee op pad. Het was een andere tijd, het was veel rustiger op de weg. Toen kon dat nog…”

Een Suzuki GT 750 was een hele serieuze motor voor een jongen van achttien! Vertel er eens wat meer over?

“Het was een tijd waarin bijna alle motoren nog trommelremmen hadden. Dat remt een stuk minder goed dan schijfremmen en van ABS had al helemaal niemand gehoord. Die GT 750 had speciale trommelremmen, die door de rijwind werden gekoeld. Dat was beter, maar nog altijd uitdagend. Ik woonde in Abbenes. Als het regende, ging ik naar de binnenstad van Leiden, om daar op de gladde kinderkopjes te oefenen met rijden en remmen. Zo heb ik mezelf écht leren motorrijden.
Op 25 juni 1977 zag ik Wil Hartog - als eerste Nederlandse motorcoureur ooit - de koningsklasse van de TT in Assen winnen. Dat maakte zoveel indruk dat ik mijn GT liet ombouwen in Wil Hartog-stijl. Dat heb ik laten doen bij Artipol in Hillegom, een specialist in polyester ombouwkits. Die grap kostte me 1.700 gulden – tegenwoordig bijna drieduizend euro. Wat later liet ik een motorpak maken in de stijl van toenmalig wereldkampioen Barry Sheene. Dat kostte ook nog eens 1.200 gulden. Dat pak heb ik nog steeds. Omdat ik inmiddels een paar kilo zwaarder ben dan toen ik twintig was, heb ik het een keer laten vermaken – maar het past nog!”

Suzuki Stories: Hans Foks
Suzuki Stories: Hans Foks

En die Waterbuffel?

“Had ik die nog maar, want die motoren zijn tegenwoordig veel geld waard. Na de GT kocht ik een nieuwe Suzuki GS 550E, met de schitterende gegoten wielen die ik per se wilde hebben. Daarna kwam er weer een GT 750 en vervolgens een Bandit 600. Daar zat mijn jongste dochter weleens achterop en je raadt het al: die is nu ook motorgek. Later ben ik overgestapt op de V-Strom-modellen en die rijd ik nog steeds. Op dit moment een zwarte V-Strom 1050DE. Grappig genoeg heb ik aan die V-Strom misschien wel de mooiste herinnering. In 2020 had ik privé een rotjaar. Ik ben toen in mijn eentje op de motor door Europa gaan toeren. Zeven landen in tien dagen, ruim 3.500 kilometer. Het was coronatijd, dus er was weinig verkeer. Het was echt een onvergetelijke reis, met adembenemende ritten door onder meer Zwitserland en Italië.”

Suzuki Stories: Hans Foks
Suzuki Stories: Hans Foks
Suzuki Stories: Hans Foks
Suzuki Stories: Hans Foks
Suzuki Stories: Hans Foks
Suzuki Stories: Hans Foks

Wees gerust eerlijk, Hans: je hebt in die bijna vijftig jaar Suzuki rijden toch wel één keer overwogen een ander merk te kiezen?

“Nooit! Ik ben de oudste van vier broers en we rijden allemaal motor. Zij hebben wel verschillende merken gereden, maar ik niet. Ik weet niet waarom, maar ik heb serieus nooit overwogen een ander merk te kiezen. Misschien komt dat wel omdat mijn Suzuki’s me nog nooit hebben laten staan. Op mijn huidige V-Strom heb ik tot tien jaar garantie, maar ik vraag me af of ik die ooit nodig ga hebben.“

Heb je in al die jaren niet één keer pech gehad?

“Ik heb ruim tweehonderdduizend kilometer Suzuki gereden en nog nooit stilgestaan. Zelfs niet met een lekke band! Ik ben weleens in benauwde situaties terechtgekomen, maar dat had meestal te maken met de verkeerssituatie. Ik heb veel door Europa gereisd en in sommige landen is het verkeer erg chaotisch. Het lijkt alsof iedereen maar wat doet. Als motorrijder ben je kwetsbaar, dus als het link wordt, wil ik me snel uit de voeten kunnen maken. Daarom ben ik echt fan geworden van tweecilindermotoren. Mijn V-Strom 1050DE rijdt rustig en comfortabel. Het blok is enorm soepel; als ik wil, neem ik een rotonde in de derde versnelling. Ik heb ‘maar’ 107 pk, maar wél een koppel van 100 Nm. Als er een onveilige situatie is, ben ik heel snel weg.”

Het bloed kruipt waar het niet gaan kan…

“Ik zeg altijd: ik heb mijn eerste GT 750 overleefd. Dat ding was zo verschrikkelijk bloedsnel… Als ik op de A44 bij Wassenaar het gas opentrok, was ik binnen tien minuten in Abbenes. Maar er is een verschil tussen snel rijden en roekeloos zijn. Ik rij bewust en weloverwogen – dat mag ook wel na vijftig jaar. Maar als de situatie het toelaat ben ik weleens burgerlijk ongehoorzaam. Dat gevoel van vrijheid dat motorrijden geeft, het ineens kunnen ontsnappen en een paar honderd meter 160 rijden… dat blijft magisch. Ergens blijf je toch altijd dat jongetje van zeventien, al is het inmiddels een jongetje met vijftig jaar ervaring!”

Lees meer Suzuki Stories